"Attentie, hier de meldkamer.
Wilt u uitrukken naar een brand in een bijeenkomstgebouw aan het raadhuisplein
in Meijel, over". Zo begon zaterdag voor de tien deelnemende ploegen de
brandweerwedstrijd van Meijel. Hoe zij vervolgens te werk gaan tijdens de inzet,
bepalen de korpsen zelf. Tien verschillende deelnemers en dus ook tien
verschillende manieren van werken. Over één ding zijn alle korpsen het
echter volledig met elkaar eens: Een prachtige maar erg zware inzet.
De zwaarte van de inzet heeft vooral te maken met de hoogteverschillen
die overbrugt moeten worden. Het bijeenkomstgebouw waarover de
meldkamer spreekt, blijkt bij aankomst namelijk de Sint-Nicolaaskerk te zijn.
Op een hoogte van dertig meter is een brandhaard in scene gezet.
Via een smalle wenteltrap beklimmen de korpsen Horst, Montfort,
Heythuysen, Nederweert, Hunsel, Wessem, Belfeld, Roggel, Grathem en
Stevensweert één voor één de toren. Op twintig meter hoogte vinden zij
het eerste slachtoffer. Terwijl het slachtoffer naar beneden wordt begeleid,
maakt een stevige rookontwikkeling het voor de doorgekomen
brandweerlieden extra moeilijk om een goed beeld te krijgen van de situatie.
Nadat de brand geblust is en de ruimte geventileerd, kan op zoek worden
gegaan naar het volgende slachtoffer. Deze wordt een verdieping hoger
gevonden. Terug buiten blijken de brandweermannen en vrouwen het
uiterste van zichzelf te hebben gevraagd. Meer dan eens zakken de
brandweerlieden na het laatste fluitsignaal even door de knieën om op
adem te komen. "De brandslang draait zich razendsnel om de wenteltrap
heen", licht Mark van Rooij van brandweer Meijel toe. "Om toch boven te
komen met de slang moet je heel veel kracht zetten. Daarnaast zijn de
brandweerpakken erg dik en heb je minder bewegingsvrijheid door de
helm en het ademmasker dat je draagt. Echt, zo'n uitruk is loodzwaar.
Toch kijken de meeste deelnemers terug op een geslaagde inzet.
Volgens Don van Herten, brandweerkorps Wessem, is het belangrijk
om ongewone uitrukken te oefenen: "De kans dat er een uitslaande
brand in een kerktoren plaatsvindt, is natuurlijk erg klein. Toch kun en
mag je zoiets niet uitsluiten. Een brandweerwedstrijd is leuk om te
winnen, maar eigenlijk moet je mee doen omdat je hier ontzettend
veel van kunt leren. Zeker bij zo'n bijzondere uitruk als vandaag. Je
gaat kapot tijdens de inzet, maar achteraf ben je blij dat je dienstbaar
hebt kunnen zijn. Net als bij een echte uitruk, eigenlijk"
's Avonds tijdens de prijsuitreiking zijn de brandweerlieden weer
aardig opgeknapt. Brandweer Montfort ontvangt ui handen van
Burgemeester Wilma Delissen-van Tongerlo en wedstrijdleider
Willy Piepenbrock de trofee voor de eerste prijs. Met een
totaalscore van 1223 punten laten zij met slechts vijf punten
brandweer Hunsel achter zich. De derde prijs gaat naar brandweer
Heythuysen (1208 punten). Deze drie korpsen gaan door naar
de gewestelijke wedstrijden op 2 juni in Dronten (Gelderland)
en Berghem (Noord-Brabant). Daar wordt gestreden om een plek
in de landelijke finale.